BELEGGINGSSTRATEGIE
Koop aandelen op kracht, verkoop aandelen bij zwakte
(buying on strength, selling on weakness)
Het motto 'buying on strength, selling on weakness' wordt in de
praktijk door veel technische analisten toegepast. Er is een
uitermate eenvoudig systeem om de lange-termijn winnaars op de beurs
te selecteren.
Bekijk de fondsen op maandbasis en koop wanneer de
Relatieve Sterkte Index boven de 80-lijn komt. Dit criterium zorgt
ervoor dat we er zeker van zijn dat de trend sterk opwaarts is. De
bedoeling van beleggen is namelijk om naast het behalen van
koerswinsten, deze koerswinsten in een zo kort mogelijke tijd te
realiseren. Op die manier blijft de portefeuillegroei altijd een
stijgend momentum vertonen. Er vanuit gaande dat de trend een
grotere kans heeft te worden voortgezet dan te worden afgebroken,
kiezen we dus fondsen die al een tijd stijgen en geen fondsen die
met een bodempatroon bezig zijn.
Naast het criterium van een opwaartse trend dient de
relatieve-sterkte lijn boven zijn stijgende 10-maandgemiddelde te
zitten. De relatieve sterkte meet de koersperformance van een fonds
t.o.v. een andere grootheid, in dit geval de AEX-index. Zolang de
relatieve sterkte zich boven haar eigen gemiddelde bevindt,
presteert het fonds in kwestie dus trendmatig beter dan de index.
Het fonds wordt in portefeuille gehouden totdat de
RSI onder de 70-lijn daalt of de relative sterkte dootr haar eigen
gemiddelde zakt. Het exit-signaal wordt derhalve gegeven als de
trend niet meer opwaarts is, dan wel als het fonds minder goed
presteert dan de beursindex.
Wanneer deze eenvoudige systematiek wordt gevolgd,
worden fondsen geselecteerd die dikwijls een systematische
verandering doormaken, waardoor er over een lange termijn een
significante verbetering van de winst plaatsvindt. Neem bijvoorbeeld
de automatiseringfonds zoals Ordina, Simac, Getronics, en Baan.
Uitgaande van dit systeem werden deze fondsen al in een vroeg
stadium geselecteerd en blijft de belegger gedurende de gehele trend
in het fonds. Dit leidt to rendementen die beduidend boven het
gemiddelde liggen. Het voordeel van deze winners is dat zij
natuurlijk veel sterker in koers stijgen dan de gemiddelde
beursfondsen. Echter, ook in tijden van een dalende beurs gedragen
deze fondsen zich anders dan de gemiddelde fondsen. De koersdaling
is over het algemeen minder sterk, waardoor een portefeuille,
bestaande uit winners, ook nog eens een goede bescherming blijkt
tegen mindere beurstijden. (Michael Ahrens,
Beursplein 5, 97/36)
